Een drukke weg, een automobilist die geen richting aangeeft of iemand die nét iets te langzaam rijdt. Irritaties in het verkeer zijn voor veel Nederlanders herkenbaar. Uit onderzoek van OSW, uitgevoerd door PanelWizard onder 1.054 Nederlanders, blijkt dat maar liefst 75 procent weleens te maken heeft gehad met gefrustreerd gedrag van een andere weggebruiker.
Dat gedrag varieert van onnodig claxonneren en boze gebaren tot andere geïrriteerde reacties. Maar verkeersfrustratie blijft niet altijd bij een boze blik of een toetertje. Ruim de helft van de Nederlanders (54 procent) geeft toe zelf weleens uit frustratie te reageren. Bijna één op de vijf (18 procent) zegt bovendien weleens risicovoller te hebben gereden doordat hij of zij boos of geïrriteerd was.
Ook het gedrag van anderen kan voor gevaarlijke situaties zorgen. Maar liefst 69 procent van de ondervraagden heeft weleens gezien dat een andere weggebruiker door frustratie risicovoller ging rijden.
Dertigers zijn het meest gefrustreerd
Vooral Nederlanders tussen de 30 en 39 jaar lijken gevoelig voor verkeersagressie. Van deze groep zegt 87 procent weleens het doelwit te zijn geweest van frustratie van een andere weggebruiker. Tegelijkertijd geeft 67 procent toe zelf weleens geïrriteerd te hebben gereageerd en zegt 31 procent daardoor soms bewust risicovoller te hebben gereden.

De timing van het onderzoek is opvallend. Nu de zomervakantie voor veel Nederlanders voorbij is, neemt de drukte op de weg weer toe. En juist drukte blijkt een belangrijke bron van irritatie: 46 procent zegt sneller geïrriteerd te raken wanneer het druk is op de weg.
Volgens Renaldo Molenbeek, mede-oprichter van OSW, kan een klein moment van irritatie al snel omslaan in een gevaarlijke situatie. Zijn advies is dan ook simpel: houd voldoende afstand, geef elkaar de ruimte en reageer niet direct op frustraties van anderen. Misschien wel de meest effectieve verkeersregel van allemaal: even tot tien tellen.
Foto header via iStock, credits: Phoenixns

