Het was mijn allereerste auto, een Mini Cooper, in felrood uitgevoerd. U begrijpt: oude tijden herleven met deze moderne full-electric opvolger.
Ik studeerde in die tijd – we praten over 1980 – in Utrecht en ik moet eerlijk bekennen, ik heb van de bewuste Mini Cooper niet heel lang plezier gehad. Ja, toen de versnellingsbak nog goed was natuurlijk wel, maar na drie maanden bleef de versnelling in zijn twee staan en daar is hij niet meer uit gegaan. Rondrijden in de stad ging overigens nog heel prima, daar kun je toch vaak niet sneller dan 40, maar op de snelweg ging het uiteraard niet meer…
De autotechniek – en zeker die van de Mini als BMW-adept – heeft sinds mijn studiejaren grote sprongen gemaakt (joh!). Mooi ook om te zien hoe Mini de klassieke designlijnen heeft weten terug te toveren in de moderne uitvoeringen.

Overtuiging
De Mini Aceman onderscheidt zich niet alleen door zijn formaat, maar vooral door zijn overtuiging. Waar de Cooper en Countryman – de enige twee andere modellen – nog netjes met één been in het benzinetijdperk blijven staan, kiest de Aceman resoluut voor 100% elektriek. Geen benzine, geen plug-in hybride, geen ‘voor de zekerheid’. Dit is een EV die vanaf de tekentafel als zodanig is bedacht. Dat is een principiële keuze, en die zie je terug in het hele concept. De Aceman zit qua formaat precies bovengenoemde modellen in.
Er zijn twee varianten: de Aceman E en de Aceman SE. De E is de basisversie, met 135 kW (184 pk). Dat is voldoende om in 7,9 seconden naar de 100 km/u te gaan en hij houdt op bij 160 km/u. De accu meet 42,5 kWh, waarvan 38,5 kWh daadwerkelijk bruikbaar is. Wie iets meer pit wil, komt automatisch bij de Aceman SE uit. Met 160 kW (218 pk) is die net wat gretiger, sprint hij in 7,1 seconden naar de 100 en ligt de topsnelheid op 170 km/u. Het verschil zit ‘m niet alleen in cijfers, maar vooral in gevoel.
Karten!
En dat gevoel is waar Mini traditioneel zijn bestaansrecht aan ontleent. Het beroemde ‘kartgevoel’ is geen loze marketingterm. Een Mini is, elektrisch of niet, nog steeds een auto waar ik met een grijns in stap. De Countryman is inmiddels wat braver geworden en richt zich meer op comfort. De Aceman zit daar precies tussenin, maar helt duidelijk over naar de sportieve kant. Voor de man boven de 50 zoals ik een heerlijk en toch ook herkenbaar gevoel, ook al is het 46 jaar geleden… De Aceman kun je veilig en beheerst en met speels gemak alle hoeken van de weg laten zien, een heerlijk scheurijzertje.
Hij stuurt super direct, ligt strak op de weg en voelt compact aan, zonder nerveus te worden. Het onderstel is wel iets om aan te wennen, de auto is stevig geveerd en bij hobbelige wegen voel je dat nogal. Het sportstuur is dik, letterlijk, wellicht hier en daar te breed. Ander puntje van aandacht is de hoge vloer, je zit met de benen redelijk hoog, maar al met al is het rijplezier dik in orde.
Interieur is een feestje
Dat geldt zeker voor het interieur, wat een feest. Hier laat Mini zien dat het designteam nog steeds plezier heeft in zijn werk. Het interieur kennen we grotendeels al van de nieuwe Cooper en Countryman, dus heel verrassend is het niet meer. Wel zijn er subtiele verschillen die de Aceman net wat eigen smoel geven. De deurpanelen hebben een andere vorm en de deurgreep oogt meer als een designobject dan een gebruiksvoorwerp. Achter het stuur loopt een decoratieve band die stoere lifestyle uitstraalt, maar de echte blikvanger is en blijft uiteraard het geinige ronde oled-scherm midden op het dashboard. Dit is zo lekker Mini, scherp, kleurrijk en technisch indrukwekkend. Het scherm zit vol leuke features zoals een zonnetje dat verschijnt als je energie regenereert en steeds groter wordt als je meer terug laadt. Rond is misschien even wennen, maar het systeem werkt logisch en snel. Geen overbodige fratsen, wel veel visuele flair.

Beleving
Precies wat je verwacht van een Mini anno nu: meer stijl dan soberheid, meer beleving dan ratio. O ja, en met een actieradius van ongeveer 410 km (in koude tijden uiteraard iets inleveren) kun je met een gerust hart van huis.
De Aceman is geen compromisauto, zeker niet, maar ook geen allemansvriend. Hij kiest positie. Dat doe jij toch ook? De Mini is bovendien al lang geen mini autootje meer, zoals in mijn studietijd. Dan mocht je blij zijn als twee volwassenen konden zitten. Mini Aceman is ook prima voor een klein gezin, al denk ik wel dat papa vooral heel blij is als hij de auto helemaal voor zichzelf heeft…

